een instrument van vrede een instrument van vrede

door ds. Klaas Touwen
Preek bij Jozua 5 en Johannes 6 op zondag Laetare, 11 maart 2018

Voorafgaand aan de lezingen
Elke zondag in de kerk wordt uit de Bijbel gelezen. Wie zoekt dat eigenlijk uit? De dominee niet, want de Bijbel is niet het boek van de dominee. Wát we lezen, de kerk zoekt dat uit, want de bijbel is het boek van de kerk.
 
De Protestantse Kerk in Nederland – wij dus! – de Protestantse Kerk in Nederland wijst elke zondag vier lezingen aan:
1. een lezing uit het Oude Testament, vandaag uit het boek Jozua,
2. een psalm, vandaag Psalm 122, dat is een gezongen lezing,
3. een brief, vandaag de brief aan de Efeziërs,
4. een evangelie, vandaag de wonderbare spijziging uit het Johannesevangelie.
 
Waarom wijst de Protestantse Kerk in Nederland elke zondag vier lezingen aan? Omdat andere kerken, wereldwijd, katholiek en protestant, op alle continenten, dat ook doen, dezelfde lezingen. Miljoenen mensen – overal ter wereld – horen vandaag deze lezingen.
 
Waarom vandaag de wonderbare spijziging volgens Johannes, omdat we dat al meer dan anderhalf duizend jaar doen, vandaag op zondag ‘Kleinpasen’, de vierde in de Veertig dagen, de zondag van de wonderbare spijziging.
Dus waarom deze lezingen? Omdat we deel uitmaken van de kerk van alle tijden en alle plaatsen.
 
Lieve gemeente,

Het evangelie van brood en vis wordt soms de ‘wonderbare broodvermenigvuldiging’ genoemd. Maar als je het zo noemt benadruk je vooral het mirakel, dat het een wonder is, en hoe kan dat: die vijf broden en twee vissen, genoeg voor vijfduizend mensen en nog overhouden ook? Hoe dat kán? Hij heeft ze vermenigvuldigd!
 
Het wordt ook wel het evangelie van de ‘wonderbare brooddéling’ genoemd. Daarmee geef je er een draai aan, het wonder wordt in ónze handen gelegd, wij moeten breken en delen onder zijn zegen, daarmee wordt het wonder mogelijk.
Vermenigvuldigen of delen, wonderbare broodvermenigvuldiging en wonderbare brooddéling, je blíjft zo gefascineerd door hoe het kán, maar dat is níet waar het evangelie zich mee bezighoudt: met de vraag hoe het kan.
Dat is wel wat de leerlingen zich afvragen. Al die mensen, het is al laat, het is niet meer verantwoord, logistiek niet, dit is een afgelegen plaats, en financieel niet, tweehonderd denarie. Het kan niet, we moeten het afgelasten.
 
Soms wordt dit evangelie zo gelezen alsof we die arme leerlingen een proces moeten aandoen. Ze moeten zich verantwoorden, want er zijn verwachtingen gewekt, die vijfduizend mensen zijn niet voor niets gekomen, hen nu naar huis te sturen getuigt van kortzichtigheid, paniek. Die leerlingen hebben het niet meer in de hand.
Maar dat is niet hoe het evangelie naar hen kijkt. Die leerlingen zijn gewoon verstandig. Ze hebben gelijk, zij dragen zorg voor al die mensen, letten op de begroting en op wat haalbaar is, zij beraden zich, nemen een beslissing, tijdig, het is al laat. Dat is verstandig leiderschap, management, prudent bestuur en beleid.
Alleen, als zij het laatste woord zouden hebben gekregen, waren al die vijfduizend mensen naar huis gegaan, hadden zich ergens nog wat te eten gekocht, hadden thuis nog wat nagepraat en dan vroeg naar bed want het was een lange dag.
Dan was er geen verhaal geweest, geen evangelie, geen wonder, geen overvloed, geen dankbaarheid, geen appèl.
 
Waar het om gaat is dat je helemaal moet afzien van wat kan of niet kan en haalbaar is en mogelijk, maar dat je gaat dóen wat hij van je vraagt, dat je gehoor geeft aan je opdracht, dat je je laat vinden in zijn missie.
Daarom geen ‘wonderbare broodvermenigvuldiging’, geen ‘wonderbare brooddeling’, wat dit evangelie biedt is een ‘wonderbare spijziging’. Vraag niet hoe het kan. Hier wordt een honger gevoed, hier wordt een verlangen gestild en ook al heb ik gebrek aan alles, verkommert mijn ziel en schiet mijn geloof tekort, dan nog: mijn beker vloeit over, de Heer is mijn herder! Nee, dit evangelie is nu geen vrijbrief voor losbollig leiderschap, roekeloze beslissingen, maar het leert je wel op een andere manier in de werkelijkheid te staan.
 
Dat moet ik uitleggen. Wij leren en dat begint al heel vroeg, met al dat verantwoord speelgoed, om de wereld naar ónze hand te zetten. Wat wij om ons heen vinden zijn instrumenten om iets mee te bereiken, het zijn de middelen die wij inzetten. Van blokjes bouwen we een toren, met een emmertje, een schepje en schelpen een zandkasteel, we geven de pop de fles.
Wij leren de wereld te onderwerpen aan onze bedoelingen en verlangens, wij zetten ons speelgoed in om onze doelen te verwerkelijken: de hoogste toren, een zandkasteel dat de branding trotseert, pop die een boertje doet.
Heel onze wereld is ingericht op dit instrumentele denken. Wij zetten de middelen in. Dat gaat van ons uit. Wij beramen en plannen, berekenen en meten, produceren en handelen. Wij hebben onszelf in het midden van ons universum gesteld en de wereld aan onze voeten. En wij zoeken naar middelen om ons doel te bereiken, werktuigen waarmee we de wereld naar onze hand kunnen zetten, geld om wat ons voor ogen staat te bekostigen: middelen, tweehonderd denarie.
Heel ons bestaan is op deze instrumentele intelligentie ingericht en nog even en wij zetten ook andere mensen naar onze hand, zetten ménsen in om onze doelen te bereiken, wij manipuleren erop los, het doel heiligt de middelen.
 
Het evangelie leert je dat af en leert je op een andere manier naar de wereld te kijken: dat niet jij het referentiepunt bent, het subject waar alles om draait, maar dat jij het werktuig bent in de hand van de meester. Niet jij behéért de middelen, maar jij bént het middel, een instrument van vrede, waarmee hij zijn doel bereikt.
Het gaat niet van jou uit maar jij leert jezelf ten dienst te stellen van iets dat veel groter is dan wat jij hebt of bent of kunt: vijfduizend mensen, en jij maakt er deel van uit: het volk van de vijf boeken van Mozes, het volk van de Thora, de twaalf stammen Israëls en die te spijzigen, te voeden – verzadiging.
 
Wat je in je handen hebt, is haast niets, vijf broden en twee vissen, daar kun je je niet aan vastklampen, je hebt niets om je achter te verschuilen, het ontbreekt je aan de middelen, want het moet nu door middel van jou en jij hebt enkel te gehoorzamen of beter gezegd: te vertrouwen dat het goed komt, met dat brood en die vis, met de mensen en met jou.
Jij wordt ingezet, jij bent aan de beurt en je hebt het niet berekend en je kunt het niet overzien en je hebt jezelf niet in de hand en je hebt niet een paar veiligheden ingebouwd.
Nee, het gaat niet van jou uit, het gaat van de Heer uit en het gaat van de spijziging zélf uit. Overvloed dient zich aan, het brood verlangt er naar gebroken te worden en rondgedeeld. Dat brood zoekt zich handen die geven en ontvangen. De vis geeft de smaak aan, de vis zoekt zich vissers van mensen.
De ander hongert naar voedsel, hunkert naar de tafelgemeenschap van de Messias en jij staat niet meer in het middelpunt, jij hoeft dat alles niet te verantwoorden, bij jezelf niet en bij God niet.
Het brood staat in het middelpunt, en het brood weet wel wat het doet. Je beker vloeit over, de wijn beseft wat er gaande is, niet jij. Haal jezelf uit het middelpunt, ga niet enkel bij jezelf te rade, sluit jezelf niet op in je eigen beweegredenen en benauwenis. Daar draait het niet om.
Het zou hoogmoed zijn bij dit evangelie nu tóch nog jezelf tot uitgangspunt te nemen, de spijziging stokt, verzadiging blijft uit. Geef je gewonnen aan het breken van het brood, het delen van de vis, het schenken van de wijn, dat díe beweging sterker is dan wat jij waar kun maken.
 
De grond van ons heil ligt niet in onszelf, is niet in onszelf gegrond, niet in óns geloof. Het heil ligt in de handen van de Messias, het weinige dat wij te berde brengen, wordt door hem gezegend, dan moet het genoeg zijn.
Het weinige dat wij te berde brengen, het wordt gezegend en gebroken en verdeeld. Je hebt het uit handen gegeven en wat je uiteindelijk krijgt, jouw rantsoen, je weet niet of het bij jou vandaan komt of van iemand anders, of jij het hebt aangedragen of dat een ander het meedroeg. Niet van belang! Het maakt geen verschil!
 
Er worden getallen genoemd, inclusieve getallen. Dat deze grote menigte, als schapen zonder herder, mensen naar wie niemand omziet, het volk is van de Thora, de vijf boeken van Mozes, dus vijf duizelingen van duizendtallen. Zíj, zij zijn het, niet de religieuze elite, de herders die het pastoraat verzaken, de Goede Herder beschamen, maar zij: de vijfduizend. En er schiet zoveel over, je hebt nog zoveel tegoed, jij en de anderen, twaalf manden, zoveel als er stammen Israëls zijn.
En een paar hoofdstukken verder begint het allemaal overnieuw. Dan zijn er zeven broden, voor de zeven volkeren rondom, en dan zijn er vierduizend mensen, duizelingen van duizendtallen van alle vier windstreken en nog blijft er over, zeven korven, voor elke scheppingsdag een.
 
Heb geloof in de overvloed. Reken nooit naar je tekort of naar de tekorten van de kerk of naar je lek en gebrek. Want als je dat doet, vernauwt je blik zich weer tot alleen jezelf en je armzalige ik, terwijl het verhaal juist wil dat je een van de velen bent, deel van het geheel, schapen van de Goede Herder, lid van een gemeente die er nog niet is, maar die hier aan de oever van het meer gesticht wordt door Woord en Sacrament en die zich uitstrekt tot overal waar dat brood heen wil en die vis met zijn vinnen wenkt.
 
En het doel heiligt de middelen. Want het doel is het heil voor de wereld, verlossing, bevrijding voor de mensen, gemeenschap met God. En de middelen, die geheiligde middelen zijn wij, iets anders staat ons niet ter beschikking, maar als mens, simpelweg als mens sta jij tot Gods beschikking en ben je geheiligd omwille van hem aan wie is de heerlijkheid en de macht in alle eeuwigheid. Amen.
 

terug
 
 
Geslaagde dorpsmarkt Enspijk
Lees verder: Wie zijn wij-Kerkbeheer.
 
Moldavië 2018
POZM-POZA gaan weer naar Moldavië, hun laatste actie is op 27 mei (Jeugd-Specials)
 
Talenten gezocht!
De kerkenraad is naarstig op zoek naar talenten.
Er zijn een aantal vacatures ontstaan  binnen onze gemeente, in de kerkenraad, maar ook daarbuiten, zoals een ouderling en iemand die het paasontbijt coördineert.
  meer
 
Behoefte aan een gesprek?
We willen een (t)huis bieden. Dat betekent ook: omzien naar elkaar, openstaan voor elkaar, elkaar opzoeken. Lees verder onder Wie zijn wij?-Pastoraat of stuur een mail naar
 
 
Trouwen?
Zijn er trouwplannen? Denk ook op tijd aan kerkgebouw en dominee.
  meer
 
Dopen?
Een kindje geboren? Laat het ons weten, zeker als je het kindje wilt laten dopen.
  meer
 
Privacy
Voor de Privacyverklaring van de Protetstantse Gemeente Deil - Enspijk: privacyverklaring
 
ANBI
Bekijk de ANBI gegevens van onze diaconie (goedgekeurd tijdens de kerkenraadsvergadering van 11 mei 2017)
Bekijk de ANBI gegevens van onze gemeente (goedgekeurd tijdens de kerkenraadsvergadering van 1 juni 2017)
 
 
Protestantsekerk.net is een samenwerking tussen de dienstenorganisatie van de Protestantse Kerk in Nederland en Human Content Mediaproducties B.V.